3.2 Kies de methode

Er zijn drie varianten van deze waarderingsmethode, afgestemd op uw specifieke vragen en omstandigheden. De keuze gebeurt in overleg met het projectteam en de eventuele externe begeleider. Een eerste belangrijke vraag is: gaat u waarderen om het erfgoed beter te beheren, of gaat u waarderen om een herbestemmingsvraagstuk aan te pakken? Een tweede vraag is: hoeveel tijd hebt u hiervoor? Onderstaande tabel kan u helpen met uw keuze, maar vraag in ieder geval ook advies aan een erfgoedconsulent van de Provincie, de erfgoedcel of het CRKC.

Methode A. Integrale waardering

Hierbij waardeert u in zeven stappen zowel het geheel als alle aparte objecten. Dit vormt de basis voor een gedegen plan voor behoud en beheer van het erfgoed én voor eventuele herbestemmingsvraagstukken. Deze methode levert de meest betrouwbare en bruikbare resultaten, maar kost de nodige tijd. Neem hiervoor ongeveer één jaar tijd in rekening.

Voorbeeld uit de praktijk

Uitgebreide waardering - Serskamp

© Provincie Oost-Vlaanderen

Methode B. Standaardwaardering

Hierbij waardeert u in vijf stappen het geheel en sommige aparte elementen. U kunt dit verkort traject kiezen wanneer u voor een herbestemmingsvraagstuk staat en u over ongeveer een half jaar tijd beschikt. De resultaten zijn ook bruikbaar voor een plan voor behoud en beheer van het erfgoed. Deze methode is minder grondig dan methode A, maar levert u toch de nodige informatie op.

Methode C. Spoedcategorisering

Hierbij waardeert u in drie stappen enkel het geheel en deelt u objecten in volgens categorieën voor herbestemming. Deze methode kiest u alleen bij noodgevallen of urgente situaties. Methode C is enkel beschikbaar via de erfgoedprofessional of organisatie die het herbestemmingstraject begeleidt (zie stap 1.1).

Voorbeeld uit de praktijk

Spoedcategorisering - Mol

© Dienst Erfgoed Provincie Antwerpen